Het UBO-register als boodschappenlijst voor inbrekers

Publicatiedatum: 29-9-2016
Auteur: Paul Scheer
Copyright: www.vnoncw-mkb.nl

Zo wordt het criminelen wel heel gemakkelijk gemaakt. Als de plannen van het kabinet doorgaan, zijn privégegevens van ondernemers straks openbaar. Wie zou daar niet bang van worden? ‘Transparantie is één ding, maar hoe zit het met onze privacy?’

Gaan we binnenkort meemaken dat inbrekers met een lijstje ‘rijke ondernemers’ op pad gaan? Net als de Haagse inbrekersbende die in 2012 rondtrok met de Quote 500 in de hand. Of erger nog: wordt het ontvoerders gemakkelijker gemaakt om nieuwe slachtoffers te vinden? Die angst leeft onder familiebedrijven. En zo gek is dat niet. Als het inderdaad wettelijk verplicht wordt, zijn de persoonlijke gegevens van de aandeelhouders straks openbaar. En heeft iedereen – anoniem – toegang tot de gegevens van alle aandeelhouders met een belang van meer dan 25 procent in een familiebedrijf.

Blote kont

Op zich is het idee achter die openbaarmaking – het zogenoemde UBO-register – niet zo vreemd. Het is bedoeld om belastingontduiking, witwassen en de financiering van terrorisme tegen te gaan. ‘Iedereen snapt het doel’, zegt Marlies van Wijhe, directeur van het Zwolse Van Wijhe Verf en voorzitter van de branchevereniging FamilieBedrijven Nederland (FBNed). ‘Dat is het probleem niet. Maar zo kunnen we net zo goed in onze blote kont op het Binnenhof gaan staan. Zo voelt dit.’ Familiebedrijven zitten er volgens haar niet op te wachten dat ze ineens in de openbaarheid moeten treden. Die leiden liever een teruggetrokken bestaan. Wat volgens Van Wijhe ook te maken heeft met de cultuur van familiebedrijven: doe maar gewoon, dan doen je al gek genoeg, en: niet lullen maar poetsen. ‘De familie is met het bedrijf verweven, het gaat uiteindelijk om de business en het goed houden van de relaties binnen de familie. De overheid voelt dat niet altijd aan en komt dan met regelgeving die daar onvoldoende rekening mee houdt. Terwijl familiebedrijven ondertussen wel voor de helft van de banen zorgen.’

Daarom liggen gegevens straks dus gewoon op straat

In het UBO-register (Ultimate Beneficial Owner) worden de gegevens verzameld van iedereen met een belang van meer dan 25 procent in een bedrijf. Het doet er niet toe of die persoon ook daadwerkelijk actief is in het bedrijf. Alle gegevens zijn in te zien door officiële instanties als de Belastingdienst en justitie. Een deel van de gegevens (naam, geboortedatum, nationaliteit en aard en omvang van het belang) is ook door anderen in te zien. Welke personen deze informatie opvragen, wordt niet bijgehouden. Voor kwaadwillenden is het dus vrij gemakkelijk om anoniem te achterhalen welke personen een belang hebben in een bedrijf en waar zij wonen.
De beheerder van het UBO-register kan besluiten om in individuele gevallen persoonsgegevens af te schermen. Dan moet wel aantoonbaar zijn dat openbaarmaking risico’s met zich meebrengt voor deze persoon.

Van_deze_ondernemers_liggen_de_privegegevens_straks_gewoon_op_straat_PeterVanDenDoolheader

Inbrekerslijst

Met een belang van 20 procent van de aandelen in Dool Industries valt Peter van den Dool net buiten de regeling. Hij is inmiddels niet meer operationeel actief in Dool Industries, maar heeft nog wel aandelen. Dool Industries is een verzameling van bedrijven met het hoofdkantoor in het Westland, en produceert onder meer verlichting voor de tuinbouw. ‘Ik ben bang dat het straks voor mij ook gaat gelden. Met dit soort regels zie je vaak dat het soft begint en later aangescherpt wordt.’

Zijn zorgen, en die van zijn broers en zus, vinden hun oorsprong in de familiehistorie. ‘Bij ons geldt als stelregel dat je over bepaalde zaken, zoals de financiën, niet spreekt buiten de familie. Mensen gaan je anders bekijken als ze weten wat je financiële status is. Dat staat een gewone open relatie in de weg.’

De cultuur van anonimiteit en vertrouwelijkheid  moet gerespecteerd worden, vindt hij. Het is in zijn ogen één van de factoren die het familiebedrijf duurzaam en succesvol maken. Bovendien staat anonimiteit ook voor veiligheid. Dat aspect speelt een belangrijke rol bij de familie. ‘Als je niet uitkijkt, werkt zo’n register als de inbrekerslijst van de Quote 500.’

 

‘WAAROM GELDT PRIVACYBESCHERMING NIET VOOR ONDERNEMERS?’

 

Privacy

Van den Dool is nu actief als coach en trainer van familiebedrijven, en hoort ook van hen zorgen over het register. ‘De opvolging bij familiebedrijven is een fragiel, emotioneel proces waarbij pottenkijkers niet gewenst zijn. Zo kan er al een aandelentransactie binnen de familie plaatsvinden voordat openbaar wordt gemaakt dat het bedrijf overgaat naar de volgende generatie. Ondernemers vragen zich af wat zij hun kinderen opleggen als er zo’n open register is.’

‘Transparantie lijkt een doel op zich te worden in plaats van een middel’, zegt Marlies van Wijhe. ‘Daar moeten we iets tegen doen, zowel in Den Haag als in Brussel.’ Als FBNed-voorzitter heeft zij contact met Europese zusterorganisaties en weet zij dat de kritiek niet tot Nederlandse ondernemers beperkt is. Idealiter zou ‘Brussel’ een afgeschermd register moeten voorschrijven, zegt ze. Nu heeft elke lidstaat nog de keuze hoe ver het gaat met afscherming. En kan met het argument dat een volledig afgesloten register meer administratieve lasten met zich mee brengt, een openbaar register worden ingevoerd zoals het Nederlandse kabinet wil. Van Wijhe vindt dat een onzinargument. ‘Waarom geldt bescherming van privacy niet voor familiebedrijven?’

 

Dit is wat er volgens familiebedrijven moet gebeuren

Dat er een zogenoemd UBO-register komt, staat wel vast. Daartoe heeft de EU besloten. De vraag is alleen op welke manier elk van de lidstaten dit gaat regelen. In Nederland is een wetsvoorstel voor invoering van zo’n register in voorbereiding en zal binnenkort ter consultatie worden voorgelegd. Wat de plannen van het kabinet zijn voor zo’n register is wel duidelijk: zie het kader hiervoor ‘Daarom liggen gegevens straks dus gewoon op straat’. Familiebedrijven zijn erop tegen dat gegevens van aandeelhouders openbaar worden gemaakt. Dit vormt een te grote inbreuk op de privacy van ondernemers blijkt ook uit onderzoek dat PWC hiernaar deed. Familiebedrijven willen graag dat het register alleen toegankelijk is voor overheidsinstanties als de Belastingdienst en justitie. Als de kabinetsplannen wel doorgaan, zouden familiebedrijven wel eens kunnen uitwijken naar juridische constructies die niet onder de UBO-plicht vallen, denkt FBNed. En dan is de transparantie nog verder te zoeken dan ie nu is.

 

2018-02-01T15:29:50+00:00